ECLI:NL:RVS:2022:2228
Raad van State · 03-08-2022 · zaaknummer 202200809/1/A2
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 24 februari 2021 heeft de Commissie Schadefonds Geweldsmisdrijven (hierna: de CSG) een aanvraag van [appellant] om een uitkering uit het schadefonds geweldsmisdrijven afgewezen. [appellant] heeft op 27 juli 2020 een aanvraag gedaan om een uitkering uit het schadefonds. In deze aanvraag heeft [appellant] toegelicht dat hij sinds zijn jeugd moedwillig door zijn moeder, die lijdt aan een narcistische persoonlijkheidsstoornis, wordt gepest. [appellant] heeft in zijn aanvraag uiteengezet wat hem in dat kader is overkomen. De CSG heeft de aanvraag bij het besluit van 24 februari 2021 afgewezen. Daaraan heeft de CSG ten grondslag gelegd dat de door [appellant] gestelde mishandeling tijdens zijn opvoeding geen opzettelijk gepleegd geweldsmisdrijf in de zin van artikel 3 van de Wet schadefonds geweldsmisdrijven oplevert. Ook is [appellant] geen getuige geweest van een opzettelijk gepleegd geweldsmisdrijf.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
