ECLI:NL:RVS:2022:2186
Raad van State · 28-07-2022 · zaaknummer 202203375/2/R1
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 10 maart 2022 (hierna: het bestreden besluit) heeft het college van burgemeester en wethouders van Overbetuwe het door [verzoekster] tegen de besluiten van 30 juli 2021 gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Tegen dit besluit heeft [verzoekster] beroep ingesteld bij de rechtbank Arnhem. Tevens heeft [verzoekster] de voorzieningenrechter van de rechtbank verzocht een voorlopige voorziening te treffen. De voorzieningenrechter van de rechtbank heeft zich bij uitspraak van 2 juni 2022, in zaken nrs. 22/1968 en 22/1969, gedeeltelijk onbevoegd verklaard om kennis te nemen van het beroep en het verzoek. In zoverre zijn het beroep en het verzoek doorgezonden naar de Afdeling bestuursrechtspraak en haar voorzieningenrechter.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[verzoekster]
verzoekster · onbekend
het college van burgemeester en wethouders van Overbetuwe
verweerder · overheid
Overheidspartijen
het college van burgemeester en wethouders van Overbetuwe
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
