ECLI:NL:RVS:2022:1663
Raad van State · 10-06-2022 · zaaknummer 202203425/2/A3
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 19 mei 2022 heeft de burgemeester van Rotterdam een huisverbod voor de duur van tien dagen opgelegd aan [verzoeker]. [verzoeker] heeft op 24 mei 2022 beroep ingesteld tegen het besluit om een huisverbod op te leggen en verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. Het verzoek om een voorlopige voorziening te treffen zou worden behandeld op 30 mei 2022. Op die dag heeft [verzoeker] het verzoek voorlopige voorziening ingetrokken, omdat de tien dagen dat het huisverbod gold al waren verstreken en er geen spoedeisend belang meer was. [verzoeker] heeft aangegeven het beroep tegen het besluit van 19 mie 2022 te willen handhaven. De rechtbank heeft de zitting door laten gaan en op die zitting het beroep behandeld. [verzoeker] is niet op de zitting verschenen. De rechtbank heeft het beroep ongegrond verklaard.
Rechters
Advocaten
Partijen
[verzoeker]
verzoeker · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
