ECLI:NL:RVS:2022:1068
Raad van State · 13-04-2022 · zaaknummer 202103290/1/A2 en 202103723/1A2
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 17 februari 2020 heeft de raad van de raad voor rechtsbijstand een aanvraag om een toevoeging voor verlening van rechtsbijstand aan [appellant] afgewezen. De raad heeft de namens [appellant] aangevraagde toevoeging in beide zaken afgewezen, omdat sprake is van een zakelijk geschil en voor zo’n geschil op grond van artikel 12, tweede lid, aanhef en onder e, van de Wet op de rechtsbijstand (hierna: de Wrb) geen toevoeging wordt verstrekt. Dit is verder niet in geschil. [appellant] beroept zich evenwel op de uitzondering, als bedoeld onder 1 van deze bepaling. De raad stelt zich op het standpunt dat niet is gebleken dat de procedures noodzakelijk zijn voor het voortbestaan van het bedrijf van [appellant], zoals is vereist voor het toepassen van die uitzondering. [appellant] is het daar niet mee eens en, omdat hij in bezwaar en beroep niet in het gelijk is gesteld, is hij in hoger beroep gekomen.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
