ECLI:NL:RVS:2021:490
Raad van State · 10-03-2021 · zaaknummer 202002461/1/A2
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 16 augustus 2018 heeft de algemeen directeur van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen aan [appellant] een Educatieve Maatregel Gedrag en Verkeer opgelegd. Op 25 juli 2018 heeft de Politie Eenheid Den Haag aan het CBR een mededeling gedaan als bedoeld in artikel 130, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994. In die mededeling is vermeld dat het vermoeden bestaat dat [appellant] niet langer beschikt over de vereiste rijvaardigheid dan wel over de lichamelijke of geestelijke geschiktheid voor het besturen van motorrijtuigen waarvoor zijn rijbewijs is afgegeven. Een proces-verbaal van bevindingen van 25 juli 2018 en een mutatierapport van dezelfde datum zijn als bijlagen bij die mededeling gevoegd. Volgens deze stukken heeft [appellant] als bestuurder van een scooter gevaarzettend rijgedrag vertoond. In deze zaak gaat het om de vraag of [appellant] de bestuurder van de scooter was.
Rechters
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
