ECLI:NL:RVS:2021:460
Raad van State · 03-03-2021 · zaaknummer 202001650/1/A2
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 22 maart 2018 heeft het bestuur van de raad voor rechtsbijstand (hierna: de raad) een eerder aan [appellante] verleende toevoeging voor gesubsidieerde rechtsbijstand door [advocaat] met terugwerkende kracht ingetrokken. Rechtzoekenden van wie het inkomen en vermogen beneden een bepaalde grens liggen en die daarom de kosten van een advocaat niet zelf kunnen dragen, kunnen bij de raad een aanvraag indienen om een toevoeging voor door de overheid gesubsidieerde rechtsbijstand. De regels om in aanmerking te komen voor een toevoeging zijn neergelegd in de Wet op de rechtsbijstand. Daarnaast heeft de raad hiervoor beleid vastgesteld, neergelegd in zogenoemde werkinstructies. De raad heeft de toevoeging met terugwerkende kracht ingetrokken op grond van artikel 34g, eerste lid, aanhef en onder b, van de Wrb. Het financiële resultaat van de afhandeling van de zaak waarvoor de toevoeging is verleend, is volgens de raad hoger dan 50% van het heffingvrij vermogen.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
