ECLI:NL:RVS:2021:2237
Raad van State · 06-10-2021 · zaaknummer 202100569/1/A2
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 1 oktober 2019 heeft het bestuur van de raad voor rechtsbijstand een aanvraag van [appellant] om toekenning van extra uren rechtsbijstand afgewezen. [appellant] heeft bij de raad een aanvraag om toekenning van extra uren rechtsbijstand ingediend. Bij besluit van 1 oktober 2019 is deze aanvraag afgewezen. [appellant] heeft hiertegen bezwaar gemaakt en wegens het uitblijven van een beslissing op zijn bezwaar heeft [appellant], naar hij stelt, op 6 februari 2020 een ingebrekestelling aan de raad gestuurd. Bij besluit van 27 maart 2020 heeft de raad het gemaakte bezwaar gegrond verklaard en aan [appellant] de gevraagde extra uren toegekend. [appellant] heeft beroep ingesteld bij de rechtbank omdat de raad volgens hem een dwangsom is verschuldigd wegens het niet tijdig beslissen op bezwaar. De raad heeft zich op het standpunt gesteld dat geen dwangsom is verschuldigd nu de ingebrekestelling nooit is ontvangen.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
