ECLI:NL:RVS:2021:1583
Raad van State · 21-07-2021 · zaaknummer 202004086/1/A3
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 20 juli 2017 heeft de minister van Buitenlandse Zaken [appellante] aangewezen als persoon op wie de Sanctieregeling terrorisme 2007-II van toepassing is. [appellante] is medio 2015 uit eigen beweging uit Nederland naar Syrië gereisd en verblijft daar thans in een vluchtelingenkamp. Op 20 juli 2017 heeft de minister ten aanzien van [appellante] een aanwijzingsbesluit vastgesteld als bedoeld in artikel 2 van de Sanctieregeling. Als gevolg van dat besluit kan zij niet beschikken over financiële middelen en geen gebruik maken van financiële diensten. Omdat [appellante] niet over een actueel adres in Nederland beschikte waarnaar het besluit kon worden verzonden, is de bekendmaking van het besluit aan haar alleen geschied door kennisgeving in de Staatscourant. Op 23 mei 2019 heeft [appellante] bezwaar gemaakt tegen het aanwijzingsbesluit. De minister heeft het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard, omdat het bezwaarschrift buiten de bezwaartermijn is ingediend.
Advocaten
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
