ECLI:NL:RVS:2021:150
Raad van State · 27-01-2021 · zaaknummer 201903771/1/R4
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 3 april 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Doetinchem opnieuw beslist op het door [appellant] gemaakte bezwaar. Het college heeft de weigering om handhavend op te treden tegen [partij] vanwege gebruik van het perceel aan de [locatie] in Doetinchem in strijd met het bestemmingsplan gehandhaafd. Op het perceel is een tuincentrum gevestigd dat onder meer sierbestrating verkoopt. [appellant] is eigenaar van een stuk grond dat grenst aan het perceel. Hij heeft het college verzocht om handhavend op te treden tegen [partij], omdat zij volgens hem in strijd met het ter plaatse geldende bestemmingsplan "Dichteren-2012" handelt door de sierbestrating niet alleen aan particulieren maar ook aan hoveniers te verkopen, waardoor sprake is van groothandel in plaats van de op het perceel toegestane detailhandel. Het college heeft het handhavingsverzoek afgewezen, omdat volgens hem niet is gebleken dat [partij] opereert als groothandel.
Rechters
Advocaten
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
het college van burgemeester en wethouders van Doetinchem
verweerder · overheid
Overheidspartijen
het college van burgemeester en wethouders van Doetinchem
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
