ECLI:NL:RVS:2021:1460
Raad van State · 07-07-2021 · zaaknummer 202005932/1/A2
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 21 maart 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam de schulddienstverlening aan [appellant] beëindigd met een termijn van uitsluiting van drie jaar. [appellant] maakt sinds augustus 2016 gebruik van schulddienstverlening van de Kredietbank Rotterdam. De Kredietbank heeft [appellant] bij brieven van 30 juli 2018, 28 september 2018 en 29 oktober 2018 laten weten dat er onvoldoende inkomen is ontvangen voor de uitvoering van zijn budgetplan. [appellant] is gevraagd contact op te nemen met zijn budgetconsulent om nadere afspraken te maken en de lasten die de Kredietbank niet heeft kunnen betalen alsnog zelf te voldoen. Bij e-mail van 16 november 2018 heeft de Kredietbank [appellant] laten weten dat de Kredietbank de schuldregeling door zal laten lopen tot [appellant] een bijstandsuitkering heeft. In deze e-mail staat ook dat als blijkt dat [appellant] niet in aanmerking komt voor een uitkering, dit wel andere gevolgen kan hebben.
Rechters
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
