ECLI:NL:RVS:2020:957
Raad van State · 01-04-2020 · zaaknummer 201903716/1/A2
Inhoudsindicatie
Bij uitspraak van 9 april 2019 heeft de rechtbank zich onbevoegd verklaard om van het verzoek van [appellant] om schadevergoeding op grond van artikel 8:88, eerste lid, van de Awb kennis te nemen. Deze uitspraak is aangehecht. [appellant] en het college van burgemeester en wethouders van Delft zijn een mediationtraject gestart ter beslechting van een geschil over het recht van [appellant] op een uitkering op grond van de Wet werk en bijstand, de nabetaling daarvan en de aansprakelijkheid voor kosten als gevolg van de late betaling van de uitkering. Naar aanleiding van dit traject hebben [appellant] en het college een mediationovereenkomst gesloten, die zij in 2010 hebben vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst. Bij brief van 29 mei 2018, aangevuld bij brief van 28 juni 2018, heeft [appellant] het college verzocht om een schadevergoeding van € 1.103,74, wegens materiële en immateriële schade die hij stelt te hebben geleden door een beslag dat KPN op zijn uitkering heeft gelegd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
