ECLI:NL:RVS:2020:946
Raad van State · 01-04-2020 · zaaknummer 201909003/1/A2 en 201905967/1/A2
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 16 november 2018 heeft de Belastingdienst/Toeslagen het voorschot huurtoeslag over 2017 herzien naar nihil. [appellante] woont sinds 2010 in dezelfde huurwoning in Den Haag. Tot zijn overlijden in juni 2014 woonde zij daar samen met haar echtgenoot. Vanaf juli 2014, na het overlijden van haar echtgenoot, ontving zij huurtoeslag. Voor die tijd heeft zij geen huurtoeslag ontvangen, omdat het toetsingsinkomen te hoog was. De Belastingdienst/Toeslagen heeft op enig moment geconstateerd dat ten onrechte huurtoeslag is toegekend. Tot en met 30 juni 2014 was de rekenhuur net lager dan de maximale huurgrens, maar met ingang van 1 juli 2014 is deze hoger dan de maximale huurgrens. Omdat de huurtoeslag voor de jaren 2014-2016 definitief is vastgesteld, komt de Belastingdienst/Toeslagen hier niet van terug.
Rechters
Advocaten
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
