ECLI:NL:RVS:2020:86
Raad van State · 15-01-2020 · zaaknummer 201903506/1/A1
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 23 mei 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Venlo het verzoek van de maatschap om handhavend op te treden tegen het gebruik als burgerwoning van de woning aan de [locatie 1] te Venlo, afgewezen. De maatschap exploiteert op het perceel [locatie 2] te Venlo een pluimveehouderij. De woning aan de [locatie 1] is een voormalige bedrijfswoning bij de pluimveehouderij. In 1995 is de woning afgesplitst van het agrarisch bedrijf door de afzonderlijke verkoop van de woning en het agrarisch bedrijf. In 1996 heeft de maatschap het agrarisch bedrijf gekocht. Sinds november 1997 wordt de woning bewoond door [belanghebbende] en zijn gezin, die geen binding met de pluimveehouderij hebben.
Rechters
Advocaten
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
het college van burgemeester en wethouders van Venlo
verweerder · overheid
Overheidspartijen
het college van burgemeester en wethouders van Venlo
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
