ECLI:NL:RVS:2020:837
Raad van State · 25-03-2020 · zaaknummer 201808910/3/A3
Inhoudsindicatie
Bij tussenuitspraak van 3 juli 2019 heeft de Afdeling het college van burgemeester en wethouders van Breda in de gelegenheid gesteld het door haar geconstateerde gebrek in zijn besluit van 21 september 2017 te herstellen. Bij tussenuitspraak van 3 juli 2019 heeft de Afdeling het college van burgemeester en wethouders van Breda in de gelegenheid gesteld het door haar geconstateerde gebrek in zijn besluit van 21 september 2017 te herstellen. In de tussenuitspraak heeft de Afdeling in overweging 6.3 overwogen dat het Landelijk Bureau Bibob in zijn advies zich niet heeft uitgesproken over de vraag of er een zakelijk samenwerkingsverband tussen [appellant] en [belanghebbende] bestaat. Het college is zelf tot dat standpunt gekomen aan de hand van het advies van het LBB en hetgeen hem overigens over [appellant] en [belanghebbende] bekend is.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
