ECLI:NL:RVS:2020:792
Raad van State · 18-03-2020 · zaaknummer 201905242/1/A2
Inhoudsindicatie
Bij besluiten van 29 maart 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Zundert aanvragen van [appellant] en anderen om een tegemoetkoming in planschade afgewezen. Deze uitspraak gaat over de uitleg van artikel 6.1, vierde lid, van de Wet ruimtelijke ordening. Ingevolge die bepaling moet een aanvraag voor een tegemoetkoming in schade ten gevolge van een oorzaak als bedoeld in het tweede lid, onder a, b, c, e, f of g, worden ingediend binnen vijf jaar na het moment waarop die oorzaak onherroepelijk is geworden. Partijen zijn verdeeld over het antwoord op de vraag op welke dag die termijn in dit geval is aangevangen.
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
