ECLI:NL:RVS:2020:605
Raad van State · 26-02-2020 · zaaknummer 201902602/1/A3
Inhoudsindicatie
Bij uitspraak van 28 februari 2019 heeft de rechtbank het door [appellant] tegen het besluit van 21 augustus 2018 ingestelde beroep niet-ontvankelijk verklaard. [appellant] heeft in december 2015 aanvragen ingediend voor twee ligplaatsvergunningen voor de bedrijfsvaartuigen. Die aanvragen heeft het destijds bevoegde algemeen bestuur van de bestuurscommissie West afgewezen. Het voormalig algemeen bestuur heeft de tegen die besluiten gemaakte bezwaren bij besluit van 20 februari 2017 ongegrond verklaard. Bij uitspraak van 14 juni 2018 heeft de rechtbank dit besluit vernietigd en het voormalig algemeen bestuur opgedragen een nieuw besluit te nemen. Ter uitvoering van deze uitspraak heeft het college het besluit van 21 augustus 2018 genomen. Bij dit besluit heeft het college de bezwaren van [appellant] opnieuw ongegrond verklaard.
Rechters
Advocaten
- P. Nicolaï
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
