ECLI:NL:RVS:2020:2929
Raad van State · 09-12-2020 · zaaknummer 201908881/1/A3
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 1 maart 2018 heeft het college het verzoek van [appellant] om informatie op grond van de Wet openbaarheid van bestuur toegewezen en informatie aan [appellant] verstrekt. Bij brief van 14 december 2017 heeft [appellant] verzocht om openbaarmaking van alles ‘wat op enigerlei is vastgelegd’ van [persoon A] over de periode van 1 augustus 2016 tot de datum van het verzoek. Om duidelijkheid te verschaffen over de gewenste informatie heeft [appellant] als voorbeelden genoemd een opdracht van inhuren, een arbeidsovereenkomst, urenlijsten, facturen, betaalbewijzen en gegevens over het ‘speciale potje’ waar [persoon A] uit zou worden betaald. Zij was door de gemeente ingehuurd als jurist om zich toe te leggen op Wob-zaken tussen [appellant] en het college.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
