ECLI:NL:RVS:2020:2751
Raad van State · 18-11-2020 · zaaknummer 201907369/1/A2
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 17 oktober 2018 heeft de Belastingdienst/Toeslagen het verzoek om herziening van de eerder vastgestelde huurtoeslag 2015 afgewezen. Bij besluit van 26 mei 2017 heeft de Belastingdienst/Toeslagen de huurtoeslag van [appellant] over 2015 op nihil vastgesteld. [appellant] heeft de Belastingdienst/Toeslagen verzocht dit besluit te herzien. De dienst heeft dit verzoek afgewezen omdat de huurtoeslag niet te laag is vastgesteld. De toeslagpartner van [appellant] heeft voordeel uit sparen en beleggen. Daarom heeft hij geen recht op huurtoeslag over 2015. De rechtbank heeft geoordeeld dat [appellant] geen recht heeft op huurtoeslag omdat hij en zijn toeslagpartner voordeel uit sparen en beleggen hebben. [appellant] is het niet eens met de uitspraak van de rechtbank. Volgens hem heeft het zorgkantoor eind 2014 in één keer betalingen gedaan waardoor hij meer geld op zijn bankrekening had staan dan gebruikelijk.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
