ECLI:NL:RVS:2020:2596
Raad van State · 04-11-2020 · zaaknummer 202001454/1/A3
Inhoudsindicatie
Bij brief van 28 februari 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Someren gereageerd op het verzoek van [appellant] van 11 december 2018. [appellant] heeft op 12 oktober 2017 het volgende verzoek ingediend bij het college: "Hierbij verzoek ik u namens de heer [appellant], gewoond hebbende te Someren aan de [locatie 1] en thans verblijvende te Someren, om te verstrekken alle stukken welke [belanghebbenden], wonende te Nederweert aan de [locatie 2] zelf of via de advocaat bij u hebben ingediend. Ik verzoek u om de stukken op grond van de WOB. Cliënt wordt door voornoemde personen van allerlei zaken beticht. Cliënt betwist echter de juistheid van het door hen gestelde en hij benodigt te stukken voor het entameren van een procedure."
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
