ECLI:NL:RVS:2020:2541
Raad van State · 28-10-2020 · zaaknummer 202001442/1/A3
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 27 mei 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de aan [appellant] verleende urgentieverklaring voor het verkrijgen van woonruimte ingetrokken. [appellant] heeft op 15 oktober 2018 een urgentieverklaring voor toewijzing van woonruimte gevraagd. Daarvoor is een screeningsgesprek gevoerd en vervolgens heeft op 13 november 2018 een intakegesprek plaatsgevonden tussen [appellant] en [medewerkster] van het college. [belanghebbende] was bij beide gesprekken aanwezig. Op 26 maart 2019 is een urgentieverklaring verleend. Op basis van deze urgentie heeft [appellant] door woningbouwvereniging Eigen Haard een woning aangeboden gekregen. Eigen Haard heeft een verhuurdersverklaring gevraagd van de vorige verhuurder van [appellant], woningstichting Rochdale. Rochdale gaf in de verhuurdersverklaring aan dat [appellant] woonfraude heeft gepleegd omdat hij zijn vorige woning heeft onderverhuurd en dat hij een huurachterstand had.
Rechters
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
