ECLI:NL:RVS:2020:2536
Raad van State · 28-10-2020 · zaaknummer 202000073/1/A3
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 14 november 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam besloten op het verzoek van [appellante] op grond van artikel 35, eerste lid, van de Wet bescherming persoonsgegevens. Bij brief van 12 juli 2017 heeft [appellante] het college op grond van artikel 35, eerste lid, van de Wbp verzocht haar mede te delen of haar betreffende persoonsgegevens worden verwerkt. Bij het in bezwaar gehandhaafde besluit van 14 november 2017 heeft het college [appellante] twee overzichten verstrekt van gegevens die haar betreffen en die door verschillende afdelingen van de gemeente Rotterdam zijn verwerkt. Daarnaast heeft het college [appellante] uitgenodigd om het dossier te komen inzien ten aanzien van haar verwerkte persoonsgegevens bij een derde afdeling van de gemeente.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
