ECLI:NL:RVS:2020:2526
Raad van State · 28-10-2020 · zaaknummer 202001710/1/A2
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 5 februari 2019 heeft de raad voor rechtsbijstand de aanvraag van [appellante] tot vaststelling van de vergoeding voor op basis van een toevoeging verrichte werkzaamheden afgewezen. [appellante] heeft op 15 augustus 2011 namens haar [cliënt] een toevoeging aangevraagd voor rechtsbijstand. Bij besluit van 29 augustus 2011 is deze toevoeging afgewezen met toepassing van artikel 28, eerste lid, aanhef en onder b, gelezen in samenhang met artikel 32 van de Wet op de rechtsbijstand. Bij besluit van 4 februari 2013 heeft de raad alsnog een toevoeging met kenmerk 2EE1095 aan [cliënt] verleend. Op 31 december 2018 heeft [appellante] een vaststelling van de vergoeding voor verrichte werkzaamheden op basis van deze toevoeging aangevraagd.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
