ECLI:NL:RVS:2020:2371
Raad van State · 07-10-2020 · zaaknummer 202000422/1/A3
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 24 juli 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de aanvraag van [appellante] voor een urgentieverklaring afgewezen. [appellante] heeft geen eigen woning en heeft sinds haar komst naar Nederland in 2005 bij kennissen van de kerk gewoond. Zij staat ingeschreven als woningzoekende, maar tot dusver is het haar niet gelukt om een woning in Amsterdam te vinden. Omdat deze situatie haar veel stress geeft en zij fysieke problemen heeft, heeft [appellante] een urgentieverklaring voor een woning aangevraagd. Dan zou zij meer tijd kunnen doorbrengen met haar twee volwassen zoons, die ook geen eigen woningen hebben, en met haar minderjarige kleinkind een band kunnen opbouwen. Het college heeft dat verzoek afgewezen. Het college heeft zich daarbij gebaseerd op het advies van de GGD en het aanvullende advies en toepassing gegeven aan zijn vaste beleid.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
