ECLI:NL:RVS:2020:2358
Raad van State · 07-10-2020 · zaaknummer 202002258/1/A3
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 13 maart 2018 heeft de burgemeester van Breda een aanvraag van [appellante] om verlening van een Drank- en Horecawetvergunning afgewezen. [appellante] heeft bij de burgemeester een aanvraag ingediend om verlening van een DHW-vergunning ten behoeve van het cafégedeelte van Breda Hostel aan het [locatie 1] te Breda. Ook heeft zij een aanvraag ingediend om verlening van een vergunning voor de exploitatie van Breda Hostel. De aanvraag voor de DHW-vergunning heeft de burgemeester afgewezen omdat [appellante] in de aanvraag als enige leidinggevende is vermeld en zij al een exploitatievergunning heeft voor een hostel op de [locatie 2]. In die vergunning is zij ook als enige leidinggevende vermeld. Bij openstelling van dat hostel moet zij daar ingevolge de Algemene plaatselijke verordening Breda 2014 verplicht aanwezig zijn.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
