ECLI:NL:RVS:2020:2248
Raad van State · 16-09-2020 · zaaknummer 202000516/1/V6
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 30 oktober 2018 heeft de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid het verzoek van [appellant] om ontheffing van de inburgeringsplicht afgewezen. De minister heeft het verzoek van [appellant] om ontheffing van de inburgeringsplicht afgewezen, omdat hij niet aantoonbaar voldoende is ingeburgerd. De minister heeft zich op het standpunt gesteld dat [appellant] niet voldoet aan het in artikel 2.4a van de Regeling inburgering gestelde vereiste dat hij ten minste tien jaar onafgebroken als ingezetene in de basisregistratie personen ingeschreven moet zijn geweest. [appellant] staat namelijk ingeschreven in de BRP van 2 oktober 1995 tot 9 april 1998 en van 21 september 2012 tot heden, dus minder dan 10 jaar onafgebroken.
Rechters
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
