ECLI:NL:RVS:2020:2184
Raad van State · 09-09-2020 · zaaknummer 201906224/1/R4
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 31 juli 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van De Bilt het verzoek van [appellant] en anderen om handhavend op te treden tegen het knalapparaat op het perceel [locatie] te Hollandsche Rading, afgewezen. [belanghebbende] heeft een veehouderij op het perceel. [appellant] en anderen zijn omwonenden van het perceel. Zij stellen geluidsoverlast te ervaren van een knalapparaat dat [belanghebbende] gebruikt om vogels bij zijn veevoer weg te jagen. [appellant] en anderen hebben bij brief van 12 juli 2017 een verzoek om handhaving ingediend vanwege het zonder vergunning gebruiken van het knalapparaat. Het college heeft bij het besluit van 12 januari 2018 de afwijzing van het verzoek om handhaving in stand gelaten. Daarbij heeft het college betrokken dat met het ambtshalve besluit van 24 augustus 2017 handhavend is opgetreden.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
