ECLI:NL:RVS:2020:1588
Raad van State · 08-07-2020 · zaaknummer 201901644/4/A1
Inhoudsindicatie
Bij tussenuitspraak van 11 maart 2020, ECLI:NL:RVS:2020:730, heeft de Afdeling het college van burgemeester en wethouders van Breda opgedragen om binnen zes weken na verzending van deze tussenuitspraak het daarin omschreven gebrek in het besluit van 8 februari 2018 te herstellen. Bij besluit van 15 augustus 2017 heeft het college locaties aangewezen waar inzamelmiddelen voor huishoudelijk afval, containers, ter inzameling mogen worden aangeboden. Eén van die locaties is in de Johan Metzelaarstraat, ter hoogte van [locatie], in Breda. [appellante] woont op [locatie] en is het niet eens met de aanwijzing van de locatie, omdat zij overlast ondervindt van de inzameling. De Afdeling heeft bij de tussenuitspraak geoordeeld dat het college niet goed heeft gemotiveerd waarom het zich op het standpunt stelt dat de door [appellante] voorgestelde alternatieve locatie niet dusdanig geschikter is dan de aangewezen locatie, dat het in redelijkheid voor de aangewezen locatie heeft kunnen kiezen.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
het college van burgemeester en wethouders van Breda
verweerder · overheid
Overheidspartijen
het college van burgemeester en wethouders van Breda
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
