ECLI:NL:RVS:2020:1478
Raad van State · 24-06-2020 · zaaknummer 201904723/1/R1
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 17 november 2017 heeft het college van burgemeester en wethouders van Haarlem [appellant], onder oplegging van een last onder dwangsom, gelast om de bewoning van het bedrijfspand op het perceel [locatie 1] te Haarlem te beëindigen en beëindigd te houden. Het bedrijfspand aan de [locatie 1] is onderdeel van een complex (met de nummers [locatie 2], [locatie 1] en [locatie 3]). Voor de bouw van het complex is op 6 januari 1970 vergunning verleend. In 1995 is [appellant] eigenaar geworden van het complex. Het bedrijf van [appellant] ([bloemengroothandel]) was in dit complex gevestigd van 7 september 1995 tot de beëindiging van de onderneming op 6 februari 2015, zo blijkt uit een uittreksel van het handelsregister. [locatie 2] is door [appellant] verkocht in 1997 en omvat de linkerzijde van het complex. De rechterzijde van het complex heeft de nummers [locatie 1] en [locatie 3], waarbij [locatie 1] ziet op de ruimte op de eerste verdieping die wordt gebruikt als woonruimte.
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
