ECLI:NL:RVS:2020:1059
Raad van State · 15-04-2020 · zaaknummer 201905872/1/A3
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 28 augustus 2018 heeft de minister van Justitie en Veiligheid een verzoek op grond van de Wet openbaarheid van bestuur buiten behandeling gesteld. In reactie op het Wob-verzoek heeft de minister aan De Jong meegedeeld dat uit de overgelegde machtiging niet blijkt dat [appellant] hem heeft gemachtigd om, ook zonder dat een procedure tegen een beschikking aanhangig is, een Wob-verzoek in te dienen. De minister heeft De Jong in de gelegenheid gesteld om een machtiging in te dienen waaruit specifiek blijkt dat hij gemachtigd is om Wob-verzoeken in te dienen. De Jong heeft van deze gelegenheid geen gebruik gemaakt.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
