ECLI:NL:RVS:2013:BZ0412
Raad van State · 28-01-2013 · zaaknummer 201112190/1/V2
Inhoudsindicatie
Zoals volgt uit voormelde uitspraak van de Afdeling van 2 november 2011 [in zaak nr. 20101194011/1/V1], kan het bezitten van de Nederlandse nationaliteit niet afdoen aan de rechten die een hoofdpersoon aan zijn hoedanigheid van burger van een andere lidstaat aan het Unierecht ontleent. Voor die veronderstelling bestaat, gelet op de jurisprudentie van het Hof van Justitie, geen grond (zie onder meer het arrest van 7 juli 1992, C-369/90, Micheletti, punten 10 en 11, het arrest van 2 oktober 2003, C-148/02, Garcia Avello, punt 28, en - in het kader van het besluit nr. 1/80 van de Associatieraad EEG Turkije van 19 september 1980 betreffende de ontwikkeling van de Associatie - het arrest van 29 maart 2012 in gevoegde zaken C-7/10 en C 9/10, Kahveci en Inan, punt 41; www.curia.europa.eu). Nu niet in geschil is dat de echtgenoot van de vreemdeling gebruik heeft gemaakt van zijn recht van vrij verkeer, is de richtlijn, anders dan de Rb. heeft overwogen, op de vreemdeling van toepassing. De grieven slagen. Het hoger beroep is kennelijk gegrond. De aangevallen uitspraak dient te worden vernietigd, voor zover daarbij de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit van 24 november 2009 in stand zijn gelaten. Hetgeen voor het overige daartegen is aangevoerd, behoeft geen bespreking. Doende hetgeen de Rb. zou behoren te doen, onderzoekt de Afdeling of er alsnog aanleiding is om met toepassing van art. 8:72, lid 3 Awb de rechtsgevolgen van het besluit in stand te laten. In het besluit van 24 november 2009 heeft de staatssecretaris zich op het standpunt gesteld dat de vreemdeling geen rechten kan ontlenen aan het Unierecht en zij ongewenst wordt verklaard op grond van art. 67, lid 1, aanhef en onder b, van de Vw 2000. Reeds omdat de staatssecretaris zich bij het besluit van 24 november 2009, gelet op hetgeen onder 2.2. is overwogen, ten onrechte op het standpunt heeft gesteld dat de richtlijn niet op de vreemdeling van toepassing is, is voor instandlating van de rechtsgevolgen van dat besluit geen plaats.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
