ECLI:NL:RVS:2012:BY5543
Raad van State · 30-11-2012 · zaaknummer 201007329/1/V4
Inhoudsindicatie
Gelet op de bewoordingen van art. 15, lid 1 en 2 van de Verordening kan de staatssecretaris de wijze waarop hij deze bepalingen in de praktijk toepast uitwerken in beleid. Niet valt echter in te zien dat hereniging op humanitaire gronden louter aan de orde kan zijn indien het reeds hier te lande verblijvende gezins- of familielid asielzoeker is. De genoemde bepalingen stellen deze voorwaarde immers niet. Dat voor hereniging, zoals in het beleid wordt vermeld, ook andere regelingen openstaan, doet er niet aan af dat de Verordening, zoals ook blijkt uit de punt 6 van de preambule, uitgaat van de handhaving van de eenheid van het gezin en voor dat doel voorziet in verschillende regelingen die waarborgen dat gezins- en afhankelijke familieleden onder bepaalde voorwaarden kunnen worden herenigd. Ook art. 11, lid 3 van de Uitvoeringsverordening biedt, gelet op de woorden "asielprocedures of procedures inzake het vreemdelingenrecht" een duidelijke indicatie dat hereniging met vreemdelingen die een andere dan een asielprocedure doorlopen of hebben doorlopen, mogelijk is. Het vorenstaande leidt tot de conclusie dat art. 15, lid 1 en 2 van de Verordening niet vereisen dat gezinsleden en andere afhankelijke familieleden zelf ook asielzoekers moeten zijn.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
