Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RVS:2012:BX9688

Raad van State · 10-10-2012 · zaaknummer 201112039/1/T1/A3

BestuursrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Weigering ingediende aanvragen om een Nederlands paspoort in behandeling te nemen omdat wederpartij door vrijwillige verkrijging van de Pakistaanse nationaliteit van de vader niet meer de Nederlandse nationaliteit bezitten. Met de Rb. is de Afdeling van oordeel dat de vader geen aanwijsbare daad heeft verricht die de verkrijging van de Pakistaanse nationaliteit heeft bewerkstelligd. De Pakistaanse autoriteit heeft immers met de wetswijziging ongevraagd en collectief aan hen die op enig moment de Pakistaanse nationaliteit hebben verloren als gevolg van het verwerven van een andere nationaliteit, bijvoorbeeld de Nederlandse, de Pakistaanse nationaliteit met terugwerkende kracht teruggegeven. Dat de vader niet alles in het werk heeft gesteld om deze herkrijging ongedaan te maken, zoals de minister heeft gesteld, brengt niet met zich dat hij de Pakistaanse nationaliteit vrijwillig heeft verkregen. Zoals de Rb. terecht heeft overwogen speelt blijkens de Handleiding de vraag of de vader de mogelijkheid heeft om af te zien van de verkrijging van de Pakistaanse nationaliteit geen rol meer in het geval zijn wil niet is gericht op de verkrijging van een andere nationaliteit en is het vrijwillig behouden van die verkrijging geen zelfstandige verliesgrond ingevolge de RWN. Dat de voorwaarde dat een betrokkene eerst afstand moet doen van zijn nationaliteit alvorens hij de Nederlandse kan verwerven, daarmee illusoir kan worden als, zoals in gevallen als deze, op een later tijdstip de andere nationaliteit van rechtswege wordt herkregen, kan naar het oordeel van de Afdeling niet met zich brengen dat in afwijking van art. 15 van de RWN en het ten aanzien daarvan gevoerde beleid in dit geval wordt verondersteld dat de vader vrijwillig de Pakistaanse nationaliteit heeft verkregen. Gezien het vorenstaande heeft de Rb. terecht overwogen dat de minister zich niet in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat de vader vrijwillig de Pakistaanse nationaliteit heeft verkregen op 27 februari 1993 waardoor wederpartij de Nederlandse nationaliteit heeft verloren en dat het besluit van 26 april 2011 wegens ondeugdelijke motivering moet worden vernietigd.

Advocaten

  • S. Mahabier

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.