ECLI:NL:RVS:2012:BX2076
Raad van State · 12-07-2012 · zaaknummer 200903471/1/V3-A
Inhoudsindicatie
Gelet op hetgeen het Hof [in het arrest Kahveci en Inan] voor recht heeft verklaard, heeft de Rb. terecht overwogen dat het standpunt van de minister dat de vreemdeling niet ingevolge artikel 7 van besluit nr. 1/80 in aanmerking kan komen voor verblijf als gezinslid van een Turkse werknemer, die ook de Nederlandse nationaliteit heeft, geen stand kan houden. Hieruit volgt ook dat de minister in het nieuw te nemen besluit op het door de vreemdeling gemaakte bezwaar, zoals hij terecht in zijn reactie op het arrest heeft gesteld, bij de beantwoording van de vraag of de vreemdeling de aan voormeld artikel 7 verbonden rechten op de voet van artikel 14 van besluit nr. 1/80 kunnen worden ontnomen, het persoonlijke gedrag van de vreemdeling en het actuele, reële en voldoende ernstige karakter van het gevaar dat hij voor de openbare orde oplevert, zal moeten beoordelen (punt 40 van het arrest).
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
