ECLI:NL:RVS:2012:BX1076
Raad van State · 11-07-2012 · zaaknummer 201112744/1/A2
Inhoudsindicatie
In de Verordening, de richtsnoeren en de Regeling is de regel neergelegd dat subsidie niet wordt verleend zonder dat van die verlening een stimulerend effect is uitgegaan op het doen van de investeringen waarop de subsidie betrekking heeft. Subsidieverlening achteraf moet worden beschouwd als exploitatiesteun teneinde de begunstigde van een financiële last te bevrijden. Het hier voorliggende geval wijkt evenwel wezenlijk af van de situatie die bij het vaststellen van deze regel voor ogen moet hebben gestaan. Daartoe is in de eerste plaats van belang dat de onrechtmatigheid van het besluit tot afwijzing van het subsidieverzoek in rechte is komen vast te staan. Vervolgens heeft de staatssecretaris bij besluit van 24 februari 2011, alsnog subsidie verleend en aldus erkend dat wederpartij op 11 december 2009 aanspraak kon maken op een subsidie die haar op die datum ten onrechte is ontzegd. Daarom was de staatssecretaris gehouden wederpartij bij besluit van 24 februari 2011 zoveel mogelijk in de situatie te brengen waarin zij zou hebben verkeerd als de staatssecretaris reeds op 11 december 2009 een rechtens juiste beslissing had genomen. Vaststaat dat wederpartij op die laatste datum aanspraak had op de haar eerst bij besluit van 24 februari 2011 toegekende subsidie. Onder die omstandigheden brengt redelijke toepassing van de hiervoor bedoelde regel met zich dat in dit geval als datum voor welke nog geen investeringen mochten worden gedaan wordt genomen, niet 24 februari 2011, zijnde de dag waarop de subsidie uiteindelijk is toegekend, maar 11 december 2009, zijnde de dag waarop de subsidie behoorde te worden toegekend. Nu wederpartij haar aanspraak op die subsidie in rechte heeft bevochten, kan niet worden geoordeeld dat investeringen gedaan na 11 december 2009, maar vóór 24 februari 2011, niet zijn gedaan in de verwachting dat die aanspraak alsnog geldend zou worden gemaakt, zodat ook in dit geval van de beoogde stimulerende werking van subsidie sprake zal zijn geweest en de subsidie niet kan worden beschouwd als exploitatiesteun die louter bedoeld is om de begunstigde van een financiële last te bevrijden. Evenzeer is de Afdeling, met de Rb. van oordeel dat in een situatie als deze bij het nemen van een hernieuwd besluit op bezwaar de noodzaak van een zo volledig mogelijk herstel van een eerder genomen onrechtmatig besluit betrokken moet worden in de heroverweging en dat om die reden in die situatie niet zonder meer kan worden uitgegaan van de feiten en omstandigheden ten tijde van dat hernieuwde besluit. Ongegrond beroep.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
