Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RVS:2012:BW4923

Raad van State · 27-04-2012 · zaaknummer 201201182/1/V3

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Gelet op hetgeen in 2.4. is overwogen heeft de minister zich terecht op het standpunt gesteld dat er voldoende grond is om aan te nemen dat de vreemdeling de voorbereiding van de terugkeer of de verwijderingsprocedure ontwijkt of belemmert als bedoeld in art. 5.1a, lid 1, aanhef en onder b, van het Vb 2000. Dat de daaraan ten grondslag gelegde gronden geen aanleiding hebben gevormd de vreemdeling reeds in bewaring te stellen vóór het verstrijken van de maximale termijn van verblijf van drie maanden in een VBL, noopt op zichzelf niet tot de conclusie dat louter het verstrijken van deze termijn bepalend is geweest voor het opleggen van de maatregel van bewaring. De minister heeft voorts ter zitting te kennen gegeven dat, ondanks de leeftijd van de vreemdeling en het feit dat zij bij haar zoon kan verblijven, tot inbewaringstelling is besloten omdat zij bij herhaling heeft verklaard niet uit eigen beweging te zullen vertrekken en daartoe ook geen inspanningen heeft verricht. De minister heeft in dit geval dan ook, gelet op het gedrag van de vreemdeling, de in de Terugkeerrichtlijn neergelegde trapsgewijze verzwaring van de ter tenuitvoerlegging van het terugkeerbesluit te nemen maatregelen in acht genomen (zie punt 41 van het arrest van 28 april 2011 van het Hof van Justitie van de Europese Unie, C-61/11 PPU, Hassen El Dridi, www.curia.europa.eu). (...) Voor zover aangenomen moet worden dat tussen de vreemdeling en haar zoon sprake is van familie – en gezinsleven, bestaat er geen grond voor het oordeel dat de minister met dat familie – en gezinsleven geen, althans onvoldoende rekening heeft gehouden. Hierbij is in aanmerking genomen dat de minister ter zitting heeft verklaard bereid te zijn verblijf bij haar zoon toe te staan hangende het verzoek tot afgifte van een laissez passer, indien de vreemdeling inspanningen zal verrichten om zelfstandig uit Nederland te vertrekken. Het beroep op art. 5 van de Terugkeerrichtlijn faalt.

Advocaten

  • J.M.M. Verstrepen

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.