ECLI:NL:RVS:2012:BW4354
Raad van State · 19-04-2012 · zaaknummer 201109724/1/V2
Inhoudsindicatie
In een situatie als deze, waarin de vreemdelingen na een eerdere weigering om hen een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen opvolgende aanvragen indienen en stellen na de eerdere weigering in het land van herkomst of bestendig verblijf te hebben verbleven voor de terugkomst naar Nederland, kunnen de op die aanvragen genomen besluiten van gelijke strekking worden getoetst als ware het eerste afwijzingen, indien de vreemdelingen aantonen dat zij daadwerkelijk in dat land zijn teruggekeerd. In zoverre komt de Afdeling terug van haar eerdere jurisprudentie ter zake (onder meer de uitspraak van 13 mei 2005 in zaak nr. 200503208/1, JV 2005/525 en de uitspraak van 27 april 2007 in zaak nr. 200701212/1, JV 2007/287). De vraag of van een dergelijke aangetoonde terugkeer sprake is, vergt een zelfstandige beoordeling door de rechter.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
