ECLI:NL:RVS:2012:BV8607
Raad van State · 05-03-2012 · zaaknummer 201110741/1/V4
Inhoudsindicatie
De rechtbank heeft voorts ten onrechte geoordeeld dat de MTV-controle niet in overeenstemming is met artikel 21 van de Schengengrenscode en daarbij ten onrechte gewicht toegekend aan de omstandigheid dat die controle niet is gericht op grensoverschrijdende criminaliteit. De woorden "kan met name" in artikel 21, aanhef en onder a, van de Schengengrenscode geven aan dat het hier gaat om een niet-uitputtende beschrijving van omstandigheden waaronder de uitoefening van een politiële bevoegdheid niet hetzelfde effect heeft als een grenscontrole. Daarnaast is van belang dat de Europese Commissie terzake van het voornemen om zowel artikel 22 van de Overeenkomst ter uitvoering van het Schengenakkoord (hierna: de Schengenuitvoeringsovereenkomst) als de bijbehorende verwijzing daarnaar in artikel 21, onder d, van de Schengengrenscode in te trekken (zie voorstel van 10 maart 2011 tot wijziging van de Schengengrenscode en van de Schengenuitvoeringsovereenkomst (COM(2011) 118 definitief), te kennen heeft gegeven dat de voorgestelde wijziging geen afbreuk doet aan het recht van de lidstaten om te voorzien in gerichte controles ter bestrijding van illegale immigratie op hun grondgebied, binnen de grenzen die zijn vastgesteld in artikel 21, onder a tot en met c. (…) Met de vaststelling van artikel 4.17a van het Vb 2000 zijn onder meer de intensiteit en de frequentie van op grond van artikel 50, eerste lid, van de Vw 2000 uit te voeren MTV-controles ter bestrijding van illegaal verblijf na grensoverschrijding nader gereguleerd. Anders dan de rechtbank, ziet de Afdeling geen grond voor het oordeel dat artikel 4.17a van het Vb 2000, voorzover die bepaling ziet op de uitoefening van het toezicht in treinen, strijd oplevert met artikel 21 van de Schengengrenscode. Dat MTV-controles in treinen kunnen worden uitgevoerd op een traject direct na de grensovergang en nog voor het eerste station in Nederland, terwijl alle reizigers grensgangers zijn, maakt dit niet anders. Uit het arrest van het Hof kan, zoals de minister ter zitting terecht heeft opgemerkt, geen algeheel verbod op controle op grensgangers worden afgeleid. Dat een in de nabijheid van een binnengrens uitgevoerde controle door het individu als een grenscontrole kan worden ervaren, leidt op zichzelf evenmin tot het oordeel dat de controle in strijd is met artikel 21 van de Schengengrenscode. De controlebevoegdheid in treinen is, zoals de minister ter zitting heeft toegelicht, ook zeer beperkt, nu van de gemiddeld 150 internationale treinen die de grens dagelijks passeren, er slechts acht per dag, en daarvan slechts twee coupés, gecontroleerd mogen worden, derhalve iets meer dan 5% van het totaal.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
