ECLI:NL:RVS:2011:BU3404
Raad van State · 26-10-2011 · zaaknummer 201009737/1/V4
Inhoudsindicatie
Anders dan de vreemdeling betoogt heeft de minister in het besluit van 27 april 2010, voor zover thans van belang, ter motivering van zijn standpunt dat een duurzame relatie niet is aangetoond, niet volstaan met een verwijzing naar het ontbreken van een inschrijving in de GBA gedurende zes maanden doch heeft hij zich gemotiveerd op het standpunt gesteld dat voormelde stukken onvoldoende zijn om het bestaan van een duurzame relatie aan te tonen. De rechtbank heeft dan ook terecht – en overigens in hoger beroep onbestreden – overwogen dat de minister zich op het standpunt heeft mogen stellen dat de vreemdeling evenmin met deze door hem overgelegde stukken heeft aangetoond dat hij en zijn partner gedurende een termijn van zes maanden een gezamenlijke huishouding hebben gevoerd.
Advocaten
- L.J. Meijering
- M.M. van Asperen
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
