Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RVS:2011:BQ7767

Raad van State · 07-06-2011 · zaaknummer 201002216/1/V3

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Ongewenstverklaring / bekering tot christendom ongeloofwaardig / 8 EVRM / geen more than normal emotional ties In het dossier bevindt zich slechts een kopie van het doopbewijs en een liturgie van de toediening van de doop en uit het verslag van het gehoor in het kader van het gemaakte bezwaar blijkt niet dat de vreemdeling een origineel van het doopbewijs aan de ambtelijke hoorcommissie heeft getoond. De vreemdeling is verder niet in staat gebleken om eenvoudige vragen die de ambtelijke hoorcommissie hem heeft gesteld, zoals: noem enkele christelijke feestdagen en wat betekent de persoon Jezus dan wel het christendom voor u, toereikend te beantwoorden. De minister heeft zich bij gebreke van een origineel doopbewijs en een verklaring van een geestelijke of theoloog over de geloofsbeleving van de vreemdeling en gelet op de wijze waarop de vreemdeling de vragen van de ambtelijke hoorcommissie heeft beantwoord bezien in het licht van zijn verklaring dat hij zich al vanaf 2003 in het christendom heeft verdiept, op het standpunt kunnen stellen dat de gestelde bekering niet geloofwaardig is. Blijkens het dossier en het verslag van het gehoor naar aanleiding van het gemaakte bezwaar verbleef de zuster van de vreemdeling reeds dertien jaar in Nederland, voordat hij naar Nederland kwam. Hij heeft dus lange tijd gescheiden geleefd van zijn zuster. De vreemdeling heeft verder verklaard dat hij sinds 2003 illegaal in Nederland verblijft en weliswaar af en toe bij zijn zuster in huis verbleef maar niet permanent bij haar woonde. De vreemdeling heeft voorts verklaard dat zijn zuster een zelfstandige huishouding voert met haar echtgenoot en kinderen. Ten slotte heeft de vreemdeling verklaard dat zijn zuster aan een ernstige ziekte lijdt en hij niet weet of ze al geopereerd is en inmiddels is genezen. Gelet op deze verklaringen kan het standpunt van de minister dat niet is gebleken van een meer dan normale emotionele band tussen de vreemdeling en zijn zuster en zwanger de toetsing in rechte doorstaan. Er is derhalve geen sprake van familie- en gezinsleven dat onder de bescherming van artikel 8 van het EVRM valt en de ongewenstverklaring levert daarom geen inmenging op in het recht op eerbieding daarvan.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.