ECLI:NL:RVS:2011:BP8380
Raad van State · 14-03-2011 · zaaknummer 201012002/1/V2
Inhoudsindicatie
Ten aanzien van het in het besluit ingenomen standpunt van de minister, dat de argumenten van de vreemdeling met betrekking tot de aanwezigheid bij zijn aanhouding van [jongen] worden gevolgd, heeft de voorzieningenrechter overwogen dat hij hieruit afleidt dat de minister de door de vreemdeling gestelde aanhouding gelooft. De voorzieningenrechter heeft hiermee blijk gegeven van een onjuiste interpretatie van voormeld standpunt. Hieruit volgt louter dat de minister in het besluit, anders dan in het voornemen, de vreemdeling niet langer tegenwerpt dat hij een tegenstrijdige verklaring heeft afgelegd over de aanwezigheid van [jongen] bij zijn gestelde aanhouding. De voorzieningenrechter heeft niet onderkend dat de minister zich hiermee niet tevens op het standpunt heeft gesteld dat hij de gestelde aanhouding op zichzelf geloofwaardig acht. Daarnaast is de voorzieningenrechter, nadat hij tot het oordeel was gekomen dat de minister, uitgaande van de geloofwaardig geachte aanhouding, bezien in het licht van de door de vreemdeling afgelegde verklaringen, zich niet zonder nadere motivering op het standpunt heeft kunnen stellen dat de vreemdeling niet aannemelijk heeft gemaakt dat de aanhouding heeft plaatsgevonden vanwege zijn homoseksuele geaardheid, ten onrechte niet getreden in de toetsing of de overige onderdelen van de motivering, zoals hiervoor onder 2.1.5. weergegeven, het standpunt van de minister dat het asielrelaas positieve overtuigingskracht mist, kunnen dragen.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
