ECLI:NL:RVS:2010:BO6363
Raad van State · 25-11-2010 · zaaknummer 201008822/1/V1
Inhoudsindicatie
COa / Contra-expertise taalanalyse / bijzondere omstandigheden / te laat aangevoerd Gelet op de gronden die in het beroepschrift van 2 december 2009 zijn vervat, moet worden vastgesteld dat de vreemdeling zich eerst ter zitting bij de rechtbank erop heeft beroepen dat het COa op grond van de bijzondere omstandigheden van het geval tot een hogere vergoeding dan het toegekende bedrag van € 800,00 (exclusief BTW) had dienen te komen, omdat volgens de vreemdeling een volwaardige contra-expertise in dit geval vereist dat niet alleen haar beheersing van het Arabisch maar ook die van het Sorani wordt onderzocht. In het beroepschrift heeft de vreemdeling zich beperkt tot het betoog dat de aanscherping van de vaste gedragslijn die het COa heeft neergelegd in de Handleiding Vergoeding Buitengewone Kosten van 1 maart 2009 niet redelijk is en dat die aanscherping strijdig is met internationale bepalingen. Ten opzichte van hetgeen in het beroepschrift naar voren is gebracht, is met het ter zitting bij de rechtbank gedane beroep op artikel 4:84 van de Algemene wet bestuursrecht sprake van een zodanig nieuwe argumentatie dat de rechtbank deze uit een oogpunt van goede procesorde buiten haar beoordeling had dienen te laten. De grief slaagt.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
