ECLI:NL:RVS:2010:BL3872
Raad van State · 05-02-2010 · zaaknummer 200901417/1/V1
Inhoudsindicatie
Mvv-vereiste / vrijstelling / 8 EVRM De rechtbank heeft geoordeeld dat in de omstandigheden van het hier aan de orde zijnde geval het tegenwerpen van een verblijfsalternatief in strijd is met artikel 8 van het EVRM. De rechtbank heeft daaraan voorafgaand onder een algemene verwijzing naar de toelichting bij het voorstel tot wijziging van artikel 3.71, tweede lid, van het Vb 2000, overwogen dat het voor de staatssecretaris zeer wel mogelijk is om vooruit te lopen op de wijziging van die bepaling, door middel van hantering van de hardheidsclausule. Gelet op de algemene verwijzing door de rechtbank naar de toelichting bij het wijzigingsvoorstel en in aanmerking genomen dat de wijziging van artikel 3.71, tweede lid, van het Vb 2000, een aantal te onderscheiden, door de rechtbank niet nader aangeduide, onderdelen bevat, bieden de door de rechtbank gebezigde overwegingen geen grond voor het oordeel dat de inmiddels met ingang van 2 mei 2009 in artikel 3.71, tweede lid, aanhef en onder j, van het Vb 2000, opgenomen vrijstelling als zodanig door haar in strijd met artikel 8 van het EVRM wordt geacht, omdat in die bepaling als vereiste wordt gesteld dat er geen gezinshereniging mogelijk is in een derde land. De grief faalt.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
