ECLI:NL:RVS:2010:BL0260
Raad van State · 18-01-2010 · zaaknummer 200900103/1/V1
Inhoudsindicatie
De rechtbank heeft echter niet onderkend dat het voorgaande onverlet laat dat de staatssecretaris zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat de taalanalyses wat betreft de deelconclusies over de spraakgemeenschap waartoe de vreemdeling wel en niet herleidbaar is inzichtelijk en concludent zijn. In de taalanalyses wordt immers aan de hand van de, door voorbeelden ondersteunde, bevindingen betreffende onder meer de uitspraak, woordkeuze en grammatica van de vreemdeling beargumenteerd en geconcludeerd dat hij Swahili spreekt, niet zoals dat in Burundi wordt gesproken, maar dat mogelijk in Tanzania of Kenia is te plaatsen, zodat hij eenduidig niet tot de spraakgemeenschap binnen Burundi te plaatsen is (taalanalyse I) onderscheidenlijk dat de vreemdeling Swahili spreekt dat in Tanzania gangbaar is en hij eenduidig tot de spraakgemeenschap binnen dit land herleidbaar is (taalanalyse II). De stelling van de vreemdeling dat hij in Burundi zeven jaar op een Koranschool heeft gezeten waar het standaard Swahili werd gesproken, maakt dit niet anders, nu deze stelling wat daarvan ook zij - geen afbreuk doet aan de bevindingen in de taalanalyses dat de vreemdeling het standaard Swahili spreekt, zij het niet plaatsbaar in Burundi en wel in Tanzania.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
