ECLI:NL:RVS:2009:BK2255
Raad van State · 03-11-2009 · zaaknummer 200905828/1/V3
Inhoudsindicatie
Dublin-verordening / Griekenland / interstatelijk vertrouwensbeginsel / interim measures / motivering Om tot een beoordeling te komen of de staatssecretaris in het geval van de vreemdeling heeft mogen vasthouden aan het interstatelijk vertrouwensbeginsel lag het op de weg van de rechtbank te beoordelen of de vreemdeling met de door hem ingebrachte informatie aannemelijk heeft gemaakt dat zich in zijn zaak feiten en omstandigheden voordoen op basis waarvan de presumptie van eerbiediging door Griekenland van het Vluchtelingenverdrag en artikel 3 van het EVRM wordt weerlegd. Door enkel te verwijzen naar het arrest inzake S.D. tegen Griekenland en door de President van het EHRM getroffen ongemotiveerde interim measures heeft de rechtbank dit niet gedaan.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
