ECLI:NL:RVS:2008:BC9161
Raad van State · 02-04-2008 · zaaknummer 200708887/1
Inhoudsindicatie
Traumatabeleid / zes maandentermijn / causaal verband / marginale toetsing Volgens het verslag van het nader gehoor, dat op 12 maart 2002 heeft plaatsgevonden, heeft de vreemdeling aan het slot van dat gehoor bevestigd dat hij alles heeft verteld wat voor de beoordeling van zijn asielaanvraag van belang kan zijn. Ook overigens biedt dat verslag geen aanknopingspunten voor het oordeel dat de vreemdeling bij dat gehoor onvoldoende in de gelegenheid is gesteld om alle aspecten van zijn asielrelaas aan de orde te stellen. Door te overwegen dat de huidige procedure, waarin de vreemdeling op 19 maart 2007 aanvullend is gehoord, voor hem de eerste gelegenheid vormde om zijn ervaringen naar voren te brengen en aan te geven dat hij wel eerder Sierra Leone had willen verlaten, maar daartoe niet de mogelijkheid had, heeft de rechtbank zulks niet onderkend. De grief slaagt. [..] In hoger beroep is onbestreden dat de vreemdeling het land van herkomst niet binnen zes maanden na de traumatische gebeurtenis heeft verlaten. Derhalve diende de vreemdeling volgens het gevoerde beleid, om niettemin in verband daarmee voor toelating in aanmerking te kunnen komen, het gestelde verband tussen de gebeurtenis en zijn vertrek uit het land van herkomst aannemelijk te maken. Het oordeel over de vraag of hij daarin is geslaagd is aan de staatssecretaris. De rechtbank heeft niet onaannemelijk geacht dat de vreemdeling geen mogelijkheid zag en die ook niet hoefde te zien, gelet op de door hem in deze procedure daartoe gestelde omstandigheden en zijn jonge leeftijd om eerder het land van herkomst te verlaten dan hij heeft gedaan. Door te overwegen dat de staatssecretaris zich hiervan onvoldoende rekenschap heeft gegeven, zodat hij niet zonder meer heeft mogen concluderen dat het causaal verband tussen de traumatische gebeurtenis en het vertrek niet aannemelijk is gemaakt, heeft de rechtbank zich ten onrechte niet beperkt tot een toetsing van het desbetreffende standpunt van de staatssecretaris en ten onrechte haar oordeel over dat causaal verband in de plaats gesteld van het oordeel van de daartoe bevoegde staatssecretaris.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
