Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:RVS:2007:BA2832

Raad van State · 04-04-2007 · zaaknummer 200608079/1

Bestuursrecht; VreemdelingenrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Taalanalyse / contra-expertise / termijn / kosten Het rapport van de op verzoek van de vreemdeling uitgevoerde contra-expertise is eerst in beroep overgelegd. Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen (onder meer in de uitspraak van 31 maart 2005 in zaak no. 200410541/1; JV 2005/207) volgt uit artikel 31, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000 dat een rapport houdende een contra-expertise in beginsel in het kader van de besluitvorming dient te worden overgelegd. Slechts indien dit niet mogelijk is als gevolg van niet aan de vreemdeling toe te rekenen omstandigheden, kan het in rechte bij de beoordeling worden betrokken. [..] De vreemdeling heeft bij brief van 22 juli 2005, derhalve tijdens de besluitvormingsfase, weliswaar aangekondigd een contra-expertise te zullen aanvragen, doch heeft daarbij aangegeven dat er, alvorens deze te kunnen aanvragen, eerst duidelijkheid moet zijn omtrent de vergoeding van de kosten van de te verrichten contra-expertise en de handelwijze van de opsteller van de contra-expertise. In die brief noch in de zienswijze heeft de vreemdeling aangegeven binnen welke termijn een contra-expertise zal worden overgelegd. Voorts lag het, ondanks het niet verlenen van verder uitstel door de minister, op de weg van de vreemdeling om aan te tonen dat daadwerkelijk een contra-expertise zou worden uitgevoerd en de minister op de hoogte te houden van de stand van zaken omtrent die contra-expertise. Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen (uitspraak van 30 september 2004 in zaak no. 200405508/1; JV 2004/435), mag de minister de gevolgen van de onmogelijkheid de kosten van een contra-expertise te dragen, voor risico van de desbetreffende vreemdeling laten, door op de resultaten van de uitgevoerde taalanalyse af te gaan. Gelet hierop bestaat geen grond voor het oordeel dat het niet aan de vreemdeling is toe te rekenen dat de minister de contra-expertise niet in zijn besluitvorming heeft kunnen betrekken, zodat de rechtbank de contra-expertise ten onrechte bij haar beoordeling heeft betrokken. De minister heeft onder de gegeven omstandigheden evenmin aanleiding hoeven zien bij de vreemdeling nog navraag te doen naar de stand van zaken omtrent de aangekondigde contra-expertise alvorens op de aanvraag te beslissen.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.