ECLI:NL:RVS:2007:AZ7932
Raad van State · 30-01-2007 · zaaknummer 200606711/1
Inhoudsindicatie
Termijn indiening aanvraag / ingangsdatum Ingevolge artikel 44, tweede lid, van de Vw 2000 wordt de verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, verleend met ingang van de datum waarop de vreemdeling heeft aangetoond dat hij aan alle voorwaarden heeft voldaan, maar niet eerder dan met ingang van de datum waarop de aanvraag is ontvangen. Deze bepaling laat geen ruimte rekening te houden met de termijn waarbinnen de vreemdeling in de gelegenheid is gesteld om een aanvraag in te dienen. Nu de vreemdeling op 4 januari 2006 een aanvraag hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, heeft ingediend, heeft de minister aan hem terecht niet met ingang van een eerdere datum dan 4 januari 2006 een verblijfsvergunning verleend. De door de rechtbank aangehaalde bepalingen [artikelen 3.110, 3.111 en 3.112 Vreemdelingenbesluit 2000] kunnen daar, reeds omdat deze, anders dan zij heeft overwogen, geen betrekking hebben op de termijn waarbinnen de vreemdeling na aanmelding in de gelegenheid moet worden gesteld een aanvraag in te dienen, niet aan af doen.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
