ECLI:NL:RVS:2005:AT1943
Raad van State · 15-03-2005 · zaaknummer 200501526/1
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 11 februari 2005, kenmerk 6/4.7/2005001356, heeft verweerder aan verzoekster een last onder dwangsom als geregeld in artikel 5:32, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht opgelegd. De dwangsom is vastgesteld op € 5.000,00 per keer, dat voorschrift 2.1, verbonden aan de vergunning van 8 november 1994, wordt overtreden. Het maximum waarboven geen dwangsom meer wordt verbeurd is vastgesteld op € 100.000,00.
Advocaten
- A.M. Gemmeke
- L.W. Faber
- P.C.M. Heinen
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[verzoekster]
verzoekster · onbekend
het college van gedeputeerde staten van Drenthe
verweerder · overheid
Overheidspartijen
het college van gedeputeerde staten van Drenthe
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
