ECLI:NL:RVS:2004:AQ3654
Raad van State · 21-07-2004 · zaaknummer 200400533/1
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 7 april 2003, kenmerk SB/MIL/LG/hl/2003/1035, heeft verweerder aan appellante ter zake van een ondergrondse olietank op het perceel [locatie] te Haarlem een last onder dwangsom als geregeld in artikel 5:32, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht opgelegd. De dwangsom is vastgesteld op € 1.000,00 per week, dat niet wordt voldaan aan artikel 13, vierde lid, en bijlage VI, hoofdstuk II, voorschriften 1 en 4, en hoofdstuk III van het Besluit opslaan in ondergrondse tanks 1998 (hierna: Boot 1998). Daarbij is bepaald dat de ondergrondse olietank alsmede de appendages en leidingen in hun geheel moeten worden verwijderd. Het maximum waarboven geen dwangsom meer wordt verbeurd is vastgesteld op € 15.000,00.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
het college van burgemeester en wethouders van Haarlem
verweerder · overheid
Overheidspartijen
het college van burgemeester en wethouders van Haarlem
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
