ECLI:NL:RVS:2003:AN9718
Raad van State · 10-12-2003 · zaaknummer 200301783/1
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 23 juli 2002, kenmerk U2002/M1543/AA, heeft verweerder krachtens artikel 5:32 van de Algemene wet bestuursrecht appellante lasten onder dwangsom opgelegd in verband met overtreding van de voorschriften 4.1, 4.2, 4.5, 4.8, 4.9, 4.11, 4.14, 5.3, 5.4, 5.7, 5.8 juncto 5.9, 5.11 en 6.1, verbonden aan de aan haar bij besluit van 18 november 1994 krachtens de Wet milieubeheer verleende vergunning voor het oprichten en in werking hebben van een groothandel in epoxy grindvloeren aan de [locatie] te [plaats].
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam
verweerder · overheid
Overheidspartijen
het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
